Mannen met pollepels: meisje kun je koken?

november 24, 2010

In mijn jeugd was een kokende man vooruitstrevend. De vrouwen kookten, de mannen sneden, inderdaad, op zondag het vlees. In ons gezin was dat niet veel anders, behalve als de maaltijd ertoe deed. In die situaties bond mijn vader het keukenschort van mijn moeder voor en ging hij kokkerellen.
Een publiek geheim bij ons thuis was dat mijn moeder niet kon koken. Dus worstelden wij ons jarenlang door de meest eenvoudige gerechten uit de kookboeken ‘Meisje kun je koken’ (1961) en later het ‘Groot Margriet Kookboek’ (23ste druk). Dagelijks werden spruitjes, bloemkool, bieten, postelein, snijbonen en gehaktballen op ons bord geschoven, die op een fantasie- en vaak smakeloze wijze waren bereid. Met vooraf, zonder uitzondering, een kopje bouillon, en als afsluiting een toetje. In het ergste geval lammetjespap of hangop.
Als er gasten kwamen, was het andere koek: dan kwam je niet weg met een bord zuurkool. Op die dagen kwam mijn vader in beeld. Trof je hem aan in de keuken met het blauw-wit gestreepte keukenschort van mijn moeder, wist je: er komt bezoek. En bezoek at Crème de riz-soep, Boeuf Stroganoff, ossehaas met maderasaus of gekookte tong met aardappelsoesjes. Mijn vader deed maar wat, zei hij altijd trots. Met een schuin oog keek hij naar een recept, maar liet boven het fornuis vooral zijn eigen fantasie floreren, en met succes. Hij was een uitzondering, in die tijd. Mijn moeders vriendinnen waren maar wat jaloers, met hun echtnoten die hooguit een ei konden koken.
Nu ik zelf volwassen ben, waag ik niet eens een poging om te koken. Ik heb er een hekel aan en schuif maar wat graag aan bij mijn culinaire vriendinnen. Of vrienden. En vooral de laatste categorie is verrassend groeiende. Je komt voor een biefstuk met een biertje, maar krijgt tot je verbazing een op de huid gebakken zeebaars met Noilly Prat-saus voorgeschoteld, met de trotse toevoeging dat de baars ‘dagvers van de visboer op de Cuyp’ komt.
Op het verjaardagsverlanglijstje van de heren staan gespecialiseerde kookboeken, de Noord-Afrikaanse aardewerken stoofpot tajine en een Thaise stoomtempel bovenaan. Mannenkookclubjes schieten als paddenstoelen uit de grond. In eerste instantie vertrouwden mijn vriendinnen en ik het niet helemaal: was er wellicht een minnares in het spel of gingen ze met z’n allen in de kroeg naar de Champions League zitten kijken? Maar nee, op de halfjaarlijkse ‘partneravonden’ kregen wij het bewijs van het wekelijkse culinaire gezwoeg in minstens zeven gangen voorgeschoteld. Verbijsterend. Zelfs mijn eigen broer, die vroeger niet verder kwam dan een gebakken ei, draait zijn hand niet meer om voor een uitgebreide Indische rijsttafel.
Wanneer de omslag precies heeft plaatsgevonden, is mij nog steeds onduidelijk. Navraag leert dat veel mannen zich zijn gaan verdiepen in potten en pannen en vooral de inhoud hiervan toen zij al of niet vrijwillig vrijgezel werden. Ze werden de ettelijke afhaalpizza’s en het fastfood zat en gingen koken.
Maar ook heren die in een langdurige relatie zitten, blijken na verloop van jaar de culinaire smaak te pakken hebben gekregen. ‘En als mannen iets doen, doen ze het goed’, aldus de resolute stelling van een vriend die zijn hand niet meer omdraait voor een kruidige lamstagine met couscous.
Rest ons eigenlijk nog een vraag. Meisje, kun je eigenlijk wel koken?

Sarah Saarberg
Medewerker Soeverein

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: