Pleidooi voor de annuïteit

juni 23, 2011

Ik was vermoedelijk de laatste Nederlander die principieel voor de klassieke annuïteitenhypotheek koos. Ondanks ernstige tegenwerking van hypotheekadviseurs en banken. Geen wonder: aan de annuïteitenlening viel voor hen minder de verdienen.
Ik heb de annuïteitenhypotheek altijd als de beste verdedigd, ook en vooral toen ik vaak over woningleningen moest schrijven. Ik vond en vind: je leent geld, dat ga je -desnoods in etappes- met rente terugbetalen. Zo hoort het en simpeler kan het niet.
Op zekere dag vonden slimbo´s in de financiële wereld allerlei nieuwe hypotheken uit, de een nog ingewikkelder dan de andere.
Kenmerkend: uitstel van aflossen. Want dat levert -bij de huidige stand van de wetgeving- het grootste belastingvoordeel op. Te weten: gedurende 30 jaar renteaftrek over het hele geleende bedrag.
De populariteit van spaar-, aflossingsvrije- en beleggingshypotheken, onder steeds verleidelijker namen aangeboden, steeg tot grote hoogte. Maximale fiscale subsidie staat in ons land hoger genoteerd dan eeuwige roem. Dat al die nieuwe woningleningen gecompliceerd in elkaar zitten, zeker als er een verzekeringselement om de hoek komt kijken, so what? Ook bij de zogenaamd ´veilige´ en door consumentenorganisaties nadrukkelijk aanbevolen spaarhypotheek werd niet gewaarschuwd dat je vrijheid van handelen (bijvoorbeeld bij de aankoop van een volgend huis, of bij echtscheiding ofzo) nogal beperkt is. Om niet te zeggen: dramatisch beperkt.
Ik koos dus altijd voor de annuïteit. Ik begreep het ´product´ en wist dat banken en tussenpersonen veel meer verdienen aan ingewikkelde constructies. Bovendien: het idee van uitgestelde terugbetaling van een woninglening is gebaseerd op het vermoeden dat onroerend goed nooit goedkoper wordt. Maar ik wist van de gemiddelde prijsdaling tot wel 40 procent eind jaren zeventig van de vorige eeuw. Huizenbezitters van nu beleven ook weer waardeverlies. Het gaat langzaam, maar gestaag. Gemiddeld is een woning nu al 9 procent goedkoper dan op het hoogtepunt van de toen ´booming´ huizenmarkt van omstreeks 2005. Eigenaren van dure panden (€ 650.000 en meer) rekenen inmiddels al met 20 procent. Ik heb op deze plek al eens geattendeerd op een voorspelling van wetenschapper Maartje Martens die een paar jaar geleden al een denkbare gemiddelde prijsdaling van 40 procent voorrekende.
Of het zover komt?
Ik sluit het niet langer uit. Nu naar mijn idee de crisis pas echt is begonnen.
Te vrezen valt dat nogal veel huiseigenaren die voor financiering met uitgestelde terugbetaling hebben gekozen, te zijner tijd met restschuld opgescheept zitten.
Tegen die achtergrond ben ik vóór het plan van de Rabobank om alle prioriteit toe te kennen aan de annuïnteitenhypotheek.
Worden daardoor starters nog kanslozer? Allicht. Maar nu de euforie van een gouden decennium in heel Europa definitief voorbij is, zit er voor een nieuwe generatie niets anders op dan zich met minder geschikt wonen te verzoenen.
Ik lees het voorstel van de Rabobank vooral ook als een waarschuwing. Sinds wanneer kiest een financiële instelling voor een leningvorm waaraan veel minder te verdienen valt? Alleen uit eigen belang, toch?

Peter Hagtingius
Hoofdredacteur Soeverein

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: